Het ontstaan van de gedenkparken in Zutphen

Lang was de kerk hèt ontmoetingscentrum voor iedereen. Het was een plek waar iedereen veilig was in tijden van gevaar en waar het laatste nieuws werd gedeeld.

Het was ook een plek mensen begraven werden en hun leven werd gevierd. Lange tijd stond de dood zo midden in het leven. Letterlijk.

Napoleon

In 1803 besloot Napoleon dat er niet meer begraven mocht worden in kerken, synagogen, ziekenhuizen of openbare kapellen. In gemeenten waar meerdere godsdiensten voorkwamen, werd voor iedere godsdienst een afzonderlijke begraafplaats gemaakt. Was er maar één begraafplaats mogelijk? Dan werd deze zo ingedeeld, met muren, hagen of een gracht, dat iedere godsdienst zijn eigen gedeelte had.

Toen het gezag van Napoleon verdween, mocht iedereen weer op oude voet verder gaan. Toch werd in 1827 besloten dat een gemeente met meer dan 1000 zielen een begraafplaats moest buiten de bebouwde kom moest hebben.

Zo zijn begraafplaatsen zoals we ze nu kennen ontstaan: plekken buiten de bebouwde kom, bestemd voor het begraven van doden.

Gedenkparken

We noemen onze begraafplaatsen gedenkparken omdat ze veel meer zijn dan begraafplaatsen alleen. Ze zijn een plek om geliefde nabestaande te bezoeken, oude tijden te herleven of na te denken over de zin van het leven op het 'mijmerbankje'.

De gemeente Zutphen heeft 3 gedenkparken in beheer en onderhoud:

het mijmerbankje
Het 'mijmerbankje' op de Oude Begraafplaats